• Door naar de hoofd inhoud
  • Home
  • Over DeVerandermotOR
    • Visie, kernwaarden & werkwijze
    • Waarom DeVerandermotOR
    • Het team
    • Ervaringen
    • About (English version)
  • Onze expertise(s)
    • Verandertrajecten
    • Financiële analyses
    • Versterking medezeggenschap
    • Duurzame Inzetbaarheid
  • Nieuws & Inspiratie
    • Nieuwsbrieven
    • Blogs
    • Whitepapers
    • Boeken
    • Tip: Podcast
  • Contact

DeVerandermotOR

Header Rechts

085 080 56 66
[email protected]

de VerandermotOR

26 maart 2024

De rol van de OR bij het opstellen van het thuiswerkbeleid

Organisaties zijn druk bezig met het vaststellen van het thuiswerkbeleid. Eerder hebben we een post geschreven over ‘thuiswerken voor de OR’, maar hoe zit het met de rol van de ondernemingsraad (OR) bij het opstellen van het thuiswerkbeleid binnen een organisatie? Heeft de OR instemmings- of adviesrecht, of niet? In dit artikel leggen we het uit.

rol OR thuiswerkbeleid

De rol van de OR bij het opstellen van het thuiswerkbeleid

In de nasleep van de COVID-19-pandemie hebben organisaties wereldwijd een verschuiving ervaren in de manier waarop ze werken. Thuiswerken is steeds meer ingeburgerd geraakt en heeft geleid tot een heroverweging van traditionele werkstructuren. Echter, met deze veranderingen komen ook nieuwe uitdagingen en vraagstukken, met name rondom het opstellen van een passend thuiswerkbeleid. In dit artikel onderzoeken we de rol van de OR bij dit proces.

Een van de eerste kwesties waarmee organisaties geconfronteerd worden bij het opstellen van een thuiswerkbeleid, is de vraag hoe het fenomeen moet worden genoemd. Gaat het om hybride werken, op afstand werken, plaatsonafhankelijk werken of simpelweg thuiswerken? Hoewel deze termen vaak subtiel van elkaar verschillen, kunnen ze aanzienlijke impact hebben op medewerkers. Zo heeft thuiswerken een andere status dan het hebben van een werkplek thuis. Het is essentieel dat werkgevers en werknemers overeenstemming bereiken over de juiste benadering, en hierin speelt de OR een cruciale rol.

Formeel gezien heeft de OR niet direct veel medezeggenschap bij het opstellen van thuiswerkbeleid. Artikel 25 (adviesrecht) of 27 (instemmingsrecht) van de Wet op de Ondernemingsraden (WOR) vermeldt het thuiswerkbeleid niet expliciet. Vaak wordt dit beleid door de bestuurder of de afdeling Human Resources opgesteld, waarbij de OR slechts geïnformeerd wordt. Als het thuiswerkbeleid echter leidt tot aanpassingen in de organisatie, taakstelling of functies worden veranderd, kan het adviesrecht om de hoek komen. Echter, het invoeren of wijzigen van een thuiswerkregeling kan wel degelijk invloed hebben op arbeidsomstandigheden en arbeidsvoorwaarden, en dat valt dan weer wel onder het instemmingsrecht van de OR.

Thuiswerkbeleid omvat vaak regels met betrekking tot arbeidstijden, arbeidsomstandigheden, beoordelingssystemen en IT-voorzieningen. Investeringen in gebouwen of technologische infrastructuur zijn ook vaak nodig. Hoewel thuiswerken niet expliciet genoemd wordt in de WOR, hebben de veranderingen, die het met zich meebrengt, vaak implicaties die onder het instemmingsrecht of adviesrecht van de OR vallen.

Conclusie

Kortom, hoewel de OR formeel gezien misschien niet direct betrokken is bij het opstellen van thuiswerkbeleid, is hun rol van cruciaal belang gezien de potentiële impact op arbeidsomstandigheden en arbeidsvoorwaarden. Daarnaast wil je als OR gewoon bij het vaststellen van dit beleid betrokken worden. Dit heeft immers echt veel impact op de werkomgeving van medewerkers. Het is dan ook raadzaam voor organisaties om de OR actief te betrekken bij het ontwikkelen van een passend beleid dat zowel de belangen van de werknemers als die van de organisatie behartigt.

Geschreven door Rob Latten, organisatie-adviseur bij DeVerandermotOR. Leer meer over Rob bij "het team" of op LinkedIn.

Geplaatst in: Nieuws

13 maart 2024

DeVerandermotOR Klantendag 2024

Op 28 februari 2024 beleefden we een geweldige dag vol inhoudelijke informatie, informeel vermaak en verbinding tijdens de klantendag van DeVerandermotOR. Het was een waar feest voor OR-leden en ambtelijk secretarissen van allerlei organisaties die samenkwamen om op een informele wijze elkaar beter te leren kennen.

Klantendag 2024

Klantendag 2024

De dag begon met een presentatie waarin de activiteiten van DeVerandermotOR werden belicht. Vervolgens namen Steven Jellinghaus en Floor Staubach het podium, en op een interactieve manier (een staan-zitten quiz) deelden ze de resultaten van het nalevingsonderzoek medezeggenschap. Een leuke manier om het bewustzijn rond medezeggenschap te vergroten en de relevantie te benadrukken.

Martijn Visser deelde vervolgens zijn inzichten over de wijzigingen in de pensioenregelingen. Een cruciaal onderwerp dat altijd op de agenda moet staan, en het was verfrissend om de updates en adviezen van een expert te ontvangen.

Klantendag 2024

De sfeer bereikte een hoogtepunt toen cabaretier Tim Goditiabois het podium betrad met zijn hilarische show "Hoera voor werkstress!" Lachen, ontspannen en het delen van humor bleek een perfecte manier om de banden te versterken en even los te komen van de dagelijkse routine.

Klantendag 2024

En natuurlijk, wat is een succesvolle dag zonder een heerlijk buffet en een gezellige netwerkborrel? DeVerandermotOR zorgde voor een smakelijke afsluiting, waarbij de gesprekken en connecties die tijdens de dag waren ontstaan, verder werden verdiept.

Klantendag 2024

Al met al was de klantendag van de VerandermotOR een succes. Het bracht niet alleen waardevolle informatie en inzichten, maar ook een gevoel van gemeenschap en verbondenheid binnen de organisatie. Dank aan Jacqueline en Desiree deze dag mogelijk hebben gemaakt en aan alle inspirerende OR-leden die hun enthousiasme en betrokkenheid hebben gedeeld.

Wat ons betreft is deze dag voor herhaling vatbaar!

Geschreven door Bob van Weert, organisatie-adviseur bij DeVerandermotOR. Leer meer over Bob bij "het team" of op LinkedIn.

Geplaatst in: Nieuws

20 februari 2024

Het IBOB-model voor de OR

Als OR heb je vaak te maken met besluitvormingsprocessen. Denk aan adviesaanvragen over een reorganisatie, een nieuw beloningsbeleid, initiatieven om een verzuim te verlagen, etc. Uitgaande van het IBOB-model vormt de OR een beeld aan de hand van de beschikbare informatie en vormt vervolgens een oordeel. Maar hoe steekt het IBOB-model in elkaar?

IBOB-model

Het IBOB-model

IBOB staat voor Informatie, Beeldvorming, Oordeelsvorming en Besluitvorming. Het IBOB-model geeft structuur aan het proces van probleem/uitdaging naar besluit. Door je goed aan de stappen te houden, loop je minder risico om al ergens snel wat van te vinden zonder dat er voldoende tijd is besteed aan het onderzoeken wat er aan de hand is.

Informatie & Beeldvorming

Tijdens de Informatie & Beeldvorming fase wordt het probleem onderzocht. Vragen die hierbij horen zijn: wat weten we? Klopt het wat we (denken te) weten? Wat weten we (nog) niet? Welke informatie hebben we (niet) nodig om tot een goed besluit te komen? Hoe gaan we die ontbrekende informatie verzamelen? Wanneer is er meer bekend? Er zijn verschillende manieren om tot beeldvorming te komen. Dit kan tijdens een reguliere OR vergadering, tijdens een rondje om de tafel, een brainstormsessie, het maken van een mindmap, etc. En ook tijdens een OV-vergadering: dit geeft je de mogelijkheid om door te vragen (‘wat bedoelt u met…?’) en eventuele procesafspraken te maken (‘wanneer kunnen we die extra informatie verwachten?’). Er is in de beeldvormingsfase nog geen ruimte voor discussie. Deze fase gaat met name over een zo compleet mogelijk beeld krijgen. Wat er eventueel uit kan komen is een actieplan om aan meer informatie te komen.

Ordeelsvorming

Als het beeld compleet is, gaan we door naar de Ordeelsvorming. Daarbij moet de OR bepalen wat hun doel is. Waar liggen onze zorgen, risico’s en aandachtspunten? Welke randvoorwaarden zijn er nodig? In deze fase is het van belang om door te vragen naar achterliggende belangen en motivaties. Wat maakt dit besluit voor jou of een ander OR-lid onaanvaardbaar? Het resultaat van deze fase is het in beeld hebben van de belangen, criteria en randvoorwaarden. Deze kunnen beschreven worden in een uitgangspuntennotitie.

Besluitvormingsfase

Tijdens de Besluitvormingsfase gaan we. Over naar de beslissing. Hoe komen we tot een beslissing? Wat gaan we doen? Wat beslissen we? Hoe zorgen we ervoor dat iedereen achter de beslissing staat? Hierbij kan Deep Democracy een goede aanvulling zijn.

De OR is namelijk niet één persoon, het is een groep mensen met allemaal hun eigen persoonlijkheden, ervaringen, competenties, vaardigheden, belangen, normatief kader en wereldbeeld. Die diversiteit kan leiden tot spanningen. Soms zijn de uitgangspunten of waarden en normen van de individuele OR-leden zo verschillend dat zelfs een ogenschijnlijk eenvoudig besluit nemen erg ingewikkeld is. Dat kan leiden tot conflicten of tot een dynamiek waarin sommige mensen niet de ruimte krijgen om te kunnen zeggen wat er gezegd moet worden. Hier wordt de OR minder effectief van en bovendien is het slecht voor de sfeer.

Lees hier meer over in de whitepaper “Deep Democracy”.

Geschreven door Bob van Weert, organisatie-adviseur bij DeVerandermotOR. Leer meer over Bob bij "het team" of op LinkedIn.

Geplaatst in: Nieuws

7 februari 2024

Haal meer uit het artikel 24 overleg

Er is steeds meer aandacht voor het zijn van een strategische or. Oftewel, het streven meer betrokken te zijn bij maatschappelijke en strategische vraagstukken in de organisatie. Maar hoe doe je dat? Inderdaad; dat begint met een goed art. 24-overleg.

artikel 24 overleg

De algemene-gang-van-zaken

In de Wet op de ondernemingsraden (WOR) is het artikel 24-overleg een formele overlegvergadering. In dit overleg wordt, twee keer per jaar, gezamenlijk met bestuurder en or vooruitgekeken. Wat komt op onze organisatie af en wat zijn de te verwachten acties of maatregelen? En welke advies- of instemmingsaanvragen zijn daarom binnenkort te verwachten? Daarbij worden afspraken gemaakt op welke manier de or bij deze besluitvorming wordt betrokken.

Het artikel 24-overleg wordt ook wel de Algemene-gang-van-zaken genoemd. Het is een verbijzondering van de “normale” overlegvergadering (art. 23 WOR). Het is een meer op strategische onderwerpen gerichte bespreking. Dit in tegenstelling tot de overlegvergadering die zich meer op tactische onderwerpen richt. De langere termijn (WAT gaan we doen?) versus de middellangere termijn (HOE gaan we het doen?).

Om deze strategische oriëntatie mogelijk te maken, geeft de Wet aan dat er ook een verschijningsplicht is voor de toezichthouders (commissarissen, het bestuur of een vertegenwoordiging). Natuurlijk mag je als or van dit recht afzien.

Light of Heavy variant?

Natuurlijk kun je naar een dergelijk overleg kijken puur vanuit de Wet. Bij een formele overlegvergadering wordt er een agenda en verslag gemaakt. En de uitvoering is even formeel als de normale overlegvergadering.

Je kunt echter ook naar de bedoeling van dit overleg kijken. Je wilt als or inzicht hebben in de ontwikkelingen. Je wilt weten wat er op de organisatie afkomt. Waar denkt de bestuurder aan bijvoorbeeld qua veranderingen? Welk beeld is er van de impact op de organisatie? Zijn er alternatieven die te overwegen zijn? Als bestuurder wil je weten hoe medewerkers aankijken tegen ontwikkelingen, welke beelden zij van de toekomst hebben en welke zorgen er zijn.

Om dat gesprek te kunnen voeren is het essentieel een sfeer te creëren waarbij je open met elkaar over die toekomst praat.

En de OR?

Als ambtelijk secretaris is het essentieel dat je de or helpt om te realiseren dat het art. 24-overleg een strategisch overleg wordt. En om een goed inhoudelijk gesprek te voeren, moet je de bestuurder voeden met inzichten vanuit de werkvloer. Als de bestuurder alleen maar informatie moet geven, wordt het snel eenzijdig en weinig inspirerend. Komen de bestuurder en toezichthouders de volgende keer dan nog met vol enthousiasme langs?

Zorg dus dat je de or stimuleert om een eigen analyse te maken van de toekomst. Wat denkt de or dat op de organisatie afkomt? Welke zorgen en risico’s zien zij? Welke aandachtspunten of focuspunten heeft de or? Oftewel, zelf actief input aanleveren vanuit de werkvloer.

En de bijeenkomst zelf? Die kun je als ambtelijk secretaris zodanig organiseren dat ze informeel gestimuleerd worden elkaars denkbeelden te delen. Ga met elkaar op de hei, eet, drink, wandel, fiets, doe games, spar, brainstorm…dan ontstaat inzicht en vooral ook vertrouwen in elkaar.

Conclusie

De informele setting met actieve inbreng van beide partijen maakt dat het een waardevol gesprek wordt. Want deze inzichten geven je een beeld van de ontwikkelingen die op je afkomen. Een adviesaanvraag moet je door het voeren van een goed artikel 24-overleg al van ver zien aankomen. Het creëert vroegtijdige betrokkenheid als ook invloed op de planvorming. En door vroegtijdig afspraken te maken over betrokkenheid in het vervolgtraject, wordt ook het medezeggenschapstraject efficiënter.

Wij hebben ook een blog geschreven over het artikel 24 overleg en financiën.

Geschreven door Rob Latten, organisatie-adviseur bij DeVerandermotOR. Leer meer over Rob bij "het team" of op LinkedIn.

Geplaatst in: Nieuws

16 januari 2024

Efficiënt werken met commissies

Het werken met commissies kan het werk van een ondernemingsraad efficiënter maken. Soms willen we vernieuwen, veranderen, herstructureren en aanpassen aan de tijd. Daarvoor wordt van alles verzonnen. Toch blijkt dat het werken met commissies werkt. Hoe zit het ook alweer met commissies? Eerder schreven we de blog “Werken met commissies”, maar we nemen je in dit artikel graag nog een keer kort en bondig mee in het waarom en hoe van werken met commissies.

Efficiënt werken met commissies

WOR

Artikel 15 van de Wet op de Ondernemingsraden (WOR) vormt de basis voor het werken met commissies. Hierin staat omschreven dat de OR vaste- of voorbereidingscommissies (of ad-hoc commissies) kan instellen. De OR zelf is en blijft het besluitvormende orgaan. Commissies kunnen echter zeer helpend zijn bij deze besluitvorming. Wanneer het werken met commissies zo wordt ingericht dat het werkt, kan dit zorgen voor een efficiënter werkende OR.

Vaste commissies

Vaste commissies werken continue. Zij zijn bedoeld voor het opdoen van kennis en vaardigheden, om dagelijkse en terugkerende werkzaamheden efficiënt uit te voeren. Aan deze vaste commissies kunnen bevoegdheden van de OR worden overgedragen, in tegenstelling tot een voorbereidingscommissie, waarbij dat niet mogelijk is.

Voorbereidingscommissies

Ad hoc commissies (ook wel projectgroepen genoemd) worden slechts tijdelijk ingesteld. Zij kunnen voorbereidende werkzaamheden verrichten en een bepaald onderwerp uitdiepen om zo te zorgen voor een effectievere besluitvorming in het overleg van de OR als geheel.  Denk hierbij aan het voorbereiden van een advies- of instemmingsaanvraag of een verkiezingscommissie.

Efficiënt werken met commissies

Het instellen van een commissie

Het instellen van een commissie moet noodzakelijk zijn voor de uitvoering van taken van de OR. Een OR besluit dit niet zelfstandig. Commissies dienen ingesteld te worden in samenspraak met de bestuurder. Daartoe wordt door de OR een concept instellingsbesluit voorgelegd aan de bestuurder. In dit besluit moet worden vermeld wat de taak, samenstelling, bevoegdheden en werkwijze van de commissie is.

Conclusie

Het is belangrijk dat commissies aan de slag kunnen met een heldere opdracht vanuit de OR. Daarom dient een commissie een werkplan te hebben. Zo’n werkplan bevat het doel van de commissie waarin geformuleerd is wat de OR met de commissie voor ogen heeft, waarom de commissie is ingesteld. Daarbij dient de taakstelling geformuleerd te worden. Ook moet helder zijn wat de commissie concreet dient op te leveren; het resultaat. In het werkplan moeten acties zijn opgenomen, evenals een tijdsplanning, de organisatie van de activiteiten van de commissie en de faciliteiten.

Werkt jouw ondernemingsraad met commissies en is dit effectief?

Geschreven door Rob Latten, organisatie-adviseur bij DeVerandermotOR. Leer meer over Rob bij "het team" of op LinkedIn.

Geplaatst in: Nieuws

19 december 2023

De effecten van een positieve organisatiecultuur

Harvard Business Review heeft een artikel geschreven over de gunstige effecten van een positieve organisatiecultuur1. Hierin wordt benadrukt dat het creëren van een positieve werkcultuur voor een hogere productiviteit en algemeen succes zorgt.

positieve organisatiecultuur

De effecten van een positieve organisatiecultuur

Terwijl sommige bedrijven geloven dat een hoge druk, work hard play hard cultuur- en meedogenloze omgeving financieel succes bevordert, wijzen onderzoeken juist op het tegenovergestelde.

Positieve organisatorische psychologie toont aan dat het koesteren van een positieve werkomgeving talrijke voordelen oplevert voor werkgevers, werknemers en de financiële prestaties van het bedrijf. Als OR heb je ook een zorgplicht (artikel 28 WOR) … “zodat de in de onderneming werkzame personen zoveel mogelijk worden betrokken bij de regeling van de arbeid in het onderdeel van de onderneming waarin zij werkzaam zijn”.

Negatieve effecten

Een negatieve werksfeer brengt verborgen kosten met zich mee, waaronder verhoogde zorgkosten, arbeidsongevallen en gezondheidsproblemen als gevolg van stress, zoals hart- en vaatziekten. Bovendien leidt het tot vervreemding bij werknemers, wat resulteert in een hoger ziekteverzuim, meer (bedrijfs)ongevallen en verminderde productiviteit. Ook draagt werk gerelateerde stress bij aan een gebrek aan loyaliteit, waardoor het personeelsverloop toeneemt, wat gepaard gaat met aanzienlijke kosten (een nieuwe collega werven kost gemiddeld 20% van het bruto jaarsalaris).

Uit onderzoeken van de Queens School of Business en de Gallup-organisatie blijkt dat niet-betrokken werknemers 37% meer ziekteverzuim, 49% meer ongevallen, en 60% meer fouten maakten1. In organisaties met lage scores voor werknemersbetrokkenheid was de productiviteit 18% lager, de winstgevendheid 16% lager, was er 37% minder groei in banen, en was de aandelenkoers na verloop van tijd 65% lager. Belangrijk is dat bedrijven met zeer betrokken werknemers maar liefst 100% meer sollicitaties ontvingen.

Gebrek aan loyaliteit vormt een derde kostenpost. Onderzoek toont aan dat werkplekstress bijna 50% meer verloop veroorzaakt. Mensen gaan zoeken naar een andere baan, wijzen promoties af of nemen ontslag. De kosten voor het vervangen van personeel, inclusief werving, training, verminderde productiviteit, verlies van expertise, enzovoort, zijn aanzienlijk.

Wat kan een organisatie doen

Organisaties bieden vaak verschillende oppervlakkige voordelen, zoals de mogelijkheid voor thuiswerken of fitnessfaciliteiten, maar pakken het onderliggende probleem niet aan: een negatieve werkcultuur. Een positieve werkcultuur daarentegen beïnvloedt de gezondheid en het welzijn van werknemers significant, verder dan materiële voordelen.

De kern van een positieve cultuur ligt volgens de Harvard Business Review in zes principes:

  1. Het koesteren van vriendschappen tussen collega’s. Hierdoor verbeterd de werksfeer en komen mensen graag naar het werk.
  2. Het bieden van ondersteuning en compassie. Wanneer werknemers het gevoel hebben dat ze voldoende support krijgen binnen de organisatie, lopen ze niet te lang rond met problemen en durven ze aan te geven wat ze nodig hebben.
  3. Vermijden van beschuldigingen en het stimuleren van vergeving. Een veilige (en dus positieve) werkcultuur betekent dat werknemers niet bang zijn fouten te maken en deze te melden.
  4. Elkaar inspireren, in plaats van tegen elkaar strijden.
  5. Benadrukken van de betekenis van het werk. Meer motivatie brengt meer werkplezier en minder frustratie.
  6. En het behandelen van iedereen met respect, dankbaarheid, vertrouwen en integriteit. Dit spreekt voor zich.

Wat kan je doen als ondernemingsraad

Als OR wil je het management stimuleren om het volgende te doen:

  1. Het cultiveren van sociale verbindingen op het werk, omdat goede relaties een positieve invloed hebben op de algehele gezondheid en prestaties van werknemers. Daarom zijn sociale gelegenheden, zoals etentjes, teambuilding, uitjes, bedrijfsborrels, pubquiz, etc. zo belangrijk. Zeker nu we meer thuiswerken is het belangrijk om nog steeds momenten te creëren waarbij men elkaar op een informele manier elkaar ontmoet. Dit draagt bij aan een positieve werkcultuur met alle positieve gevolgen voor personeel en organisatie.
  2. Het tonen van empathie naar werknemers, omdat dit hun toewijding aan het werk aanzienlijk beïnvloedt. Dit kun je doen door als OR met een initiatiefvoorstel te komen om een leiderschapsontwikkelingstraject op te starten. Dat begint met een visie van de bestuurder op leiderschap in de organisatie. Vervolgens zijn er verschillende maatregelen te nemen om de kwaliteit van de managers in de organisatie te vergroten. Laat daar de competentie ‘empathie’ niet in ontbreken.
  3. Voorbeeldgedrag van managers en extra inspanningen tonen, waardoor loyaliteit en betrokkenheid onder werknemers groeit. “Daan van Knippenberg van Rotterdam School of Management laat zien dat werknemers van zelfopofferende leiders coöperatiever zijn omdat ze hun leiders meer vertrouwen. Ze zijn ook productiever en beschouwen hun leiders als effectiever en charismatischer.”1
  4. Het aanmoedigen van open communicatie en probleemoplossend denken, waardoor psychologische veiligheid ontstaat die leidt tot betere leer- en prestatieresultaten. Hier hoort bij dat het veilig is om fouten te maken, zodat medewerkers hun fouten niet wegmoffelen maar ze het delen zodat de collega’s ervan kunnen leren. Een positieve houding t.o.v. fouten maken helpt de organisatie innovatiever worden.

Conclusie

Dit zijn volgens Harvard Business Review een aantal concrete zaken die je als OR kan stimuleren om zo een positieve impact te maken op de organisatiecultuur. Een positieve cultuur bevordert het welzijn van de medewerkers, verbetert relaties, versterkt creativiteit en dempt negatieve ervaringen zoals stress, wat veerkracht bevordert. Uiteindelijk leidt dit tot een betere organisatie: hogere effectiviteit, financiële prestaties, klanttevredenheid, productiviteit en betrokkenheid van werknemers.

1 https://hbr.org/2015/12/proof-that-positive-work-cultures-are-more-productive

Geschreven door Bob van Weert, organisatie-adviseur bij DeVerandermotOR. Leer meer over Bob bij "het team" of op LinkedIn.

Geplaatst in: Nieuws

  • « Ga naar Vorige pagina
  • Pagina 1
  • Interim pagina's zijn weggelaten …
  • Pagina 4
  • Pagina 5
  • Pagina 6
  • Pagina 7
  • Pagina 8
  • Interim pagina's zijn weggelaten …
  • Pagina 13
  • Ga naar Volgende pagina »
Een greep uit onze opdrachtgevers:
slider image
slider image
slider image
slider image
slider image
slider image
slider image
slider image
slider image
slider image
slider image
slider image
slider image
slider image
slider image
slider image
slider image
slider image
slider image
slider image
slider image
slider image
slider image
slider image
slider image
slider image
slider image
slider image
slider image
slider image
slider image
slider image
slider image
slider image
slider image
slider image
slider image
slider image
slider image
slider image
slider image
slider image
slider image
slider image
slider image
slider image
slider image
slider image
slider image
slider image
slider image

Contact

  • Algemene voorwaarden
  • Privacy-Statement
  • Disclaimer
  • Ervaringen
  • Kwaliteitseisen
  • Nieuwsbrieven

© Copyright 2022 - 2026 DeVerandermotOR · Alle rechten voorbehouden





Wij gebruiken cookies op onze website. Door op 'oké' te klikken of door gebruik te blijven maken van deze website, gaat u hiermee akkoord. Klik hier voor meer informatie.